Over de Stier en de Schorpioen en hoe we uit de crisis kunnen komen.

Gepubliceerd op 1 mei 2020 door Willem

 

In mijn verhaal van vorig jaar rond 1 mei heb ik jullie verteld over de twee kruizen die uitdrukking geven aan de vier feesten die verbonden zijn met de natuur en de vier feesten die verbonden zijn met de cultuur. (https://www.poustinia.be/2019/05/)

De vier grote cultuurfeesten; bij de Kelten waren dat Beltane rond 1 mei in het hart van de lente, tegenover Samhain rond 1 november in het hart van de herfst, het begin van hun nieuwe jaar, Lughnasadh rond 1 augustus, hoogzomer, het oogstfeest en Imbolc rond 1 februari dat evolueerde tot Lichtmis midden in de winter.

Voor een dieper begrip van de samenhangen die spelen in deze periodes van het jaar staan we eens stil bij de z.g. polariteit van het kruis.

De periode van het midden van de lente waar 1 mei in valt, valt samen met de periode van de Stier en zo valt 1 november het midden van de herfst samen met de periode van de Schorpioen.

En zo is de periode van het midden van de winter, de Waterman, de tegenpool van de periode van de hoogzomer, de Leeuw.

Het kruis van de vier cultuurfeesten van de Kelten toont dus de kruisrelatie van de vier tekens die later in de Christelijke traditie terugkeren in de idee van de vier evangelisten die op hun beurt weer een relatie vertonen met de vier beelden rond de troon van God, beschreven in de Openbaring van Johannes. Dat zijn daar de mens, de leeuw, het rund en de adelaar. (de adelaar staat hier voor getransformeerde schorpioen)

De Stier staat tegenover de Schorpioen en de Leeuw tegenover de Waterman.

In dit verhaal gaan we eens kijken naar de polariteit Stier-Schorpioen.

Eén van mijn belangrijkste ontdekkingen in het jaren lang bezig zijn met onderzoek naar kosmische samenhangen en verbanden is het gegeven dat je een bepaald gegeven maar pas echt kunt doorgronden als je er in slaagt het te verbinden met zijn tegendeel.

Mijn begrip van de Stier werd maar pas vollediger toen ik de Stier in relatie bracht met de Schorpioen en ontdekte hoe ze elkaar aanvullen en verheffen.

Je mag ook gerust deze zin vervangen door de volgende zin:

Mijn begrip van de lente werd maar pas vollediger toen ik de lente in relatie bracht met de herfst en ontdekte hoe ze elkaar aanvullen en verheffen.

Of deze:

Mijn begrip van de geboorte werd maar pas vollediger toen ik de geboorte in relatie bracht met de dood en ontdekte hoe ze elkaar aanvullen en verheffen.

 

We leven hier in Poustinia nu al meer dan dertig jaar in een intieme relatie met de ons omringende natuur die we in die voorbije tijd voor een groot stuk hebben gecultiveerd.

Maar zo gecultiveerd dat we telkens in samenspraak met de ons omringende natuur voortdurend aan de biotoop zelf hebben gevraagd wat we hier het beste zouden kunnen doen; er voor wakend dat we onze wil zouden opleggen, wetend dat we daarvoor de gevolgen ook zelf zouden moeten dragen.
Deze samenwerking heeft geleid tot de cultuur zoals hij of zij zich rondom ons huis toont.
Door deze innige samenwerking hebben we een fantastische tuin gekregen die ons jarenlang van enorm veel voedsel heeft voorzien. Een tuin die langzaam zich heeft ontwikkeld tot een soort park waar vele levensvormen gedijen.
Maar wat ze ons vooral heeft gegeven is het inzicht in allerlei natuurlijke en kosmische processen en verbanden die de onderliggende wetmatigheden openbaarden.

Eén van de grootste fundamentele problemen waar we nu op onze wereld mee worden geconfronteerd is dat we de polariteit van Stier en Schorpioen niet hebben geëerd en geacht.

En juist in deze tijd van corona-crisis wil ik daar wat dieper op in gaan.

Lees verder »

Paasboodschap 2020 van Huguette uit Poustinia.

Gepubliceerd op 12 april 2020 door Huguette

DE NIEUWE DAGERAAD – ERBARME DICH

 

Haar gelaat zal gevuld zijn met ogen 

die veelvuldig zien

wat in één blik

niet kan worden omarmd.

 

Ogen die donkerte 

niet schuwen maar achten

als schaduw die zich

zonder licht nooit

in haar goudglans zou ontvouwen.

 

De gouden glans van kwetsbaarheid

die zich verweeft doorheen deze dagen

als levensdraden

van een weefsel

waarin donker en licht 

in samenspel

de rijkdom van wat zich onderscheidt 

maar elkaar ook aanvult 

ontsluit.

 

We zijn donkere wezens

uit aarde ontstaan 

en met licht omhuld.

Een licht dat niet verhult

maar de donkerte 

naar klaarte optilt

als een moeder haar 

zoekend en tastend kind.

 

Haar gelaat zal getekend zijn

door erbarmen 

spiegelend wat wij 

in deze donkere

en tevens lichtende tijden leren

van haar kwetsbaar

minnend aanwezig zijn.

 

Er is geen leven dat komt of gaat 

dat niet door haar is gezien

gestreeld, gevoed, geheeld.

Zelfs de dood is in haar

aanschijn een opstap naar leven

menswaardiger leven althans.

 

Zij is de armen

die ons soms 

in onmacht ontbreken.

De ogen waardoor

wij het ongrijpbare

aanschouwen.

De handen die zich openen

voor wat wij afwijzen.

De voeten die gaan

waar wij ons niet wagen.

 

Zo bewegen we doorheen de pijn

van afscheid nemen en helen

met erbarmen.

Zonder de donkerte haar licht te ontnemen

noch het licht zijn donkerte.

Ze zijn samen de schoot

van nieuw leven

waarin niets kan worden miskend,

geminacht en ontkend.

 

We leren tastend en voelend

om zelf ook schoot te zijn.

Voor grote en kleine dingen

die in hun samenhang

niet door ons kunnen 

worden gescheiden.

 

Het kleine haalt het grote uit elkaar

en het grote heelt het kleine.

Zo worden we gelijk 

van individu tot gemeenschap

een samen kijken naar 

een samen dragen van

een samen delen van 

een samen door het lijden gaan,

een samen in vreugde ontstaan,

maar in bewust geleefde

Kwetsbaarheid.

 

Onschendbaar

is haar aanwezigheid in ons.

Zij heet erbarmen-mededogen.

Een met de volheid van ons wezen

toestemmen in donker en licht

de gouden bouwstenen voor 

nieuw leven

dat hergeboorte heet.

 

Oneindig beweegt ze 

in ons als helende 

zalvende, zegenende kracht.

Door scheppend zonlicht

bekrachtigd.

 

Pasen 

zoals nooit eerder

zo intens kwetsbaar en krachtig

zo donker lichtend

in de mensheid geleefd.

 

© Huguette Beyens

Pasen in Huize Poustinia 2020 

De samenhangen voor de paastijd

Gepubliceerd op 1 april 2020 door Willem

Te midden van al het nieuws dat op ons af komt valt vooral op waar niet of nauwelijks over gesproken wordt.
Natuurlijk hangt dat in grote mate af van waar je naar kijkt en waar je naar luistert.
En dat op zijn beurt wordt weer bepaald door hoe je zelf in het leven staat.
Welke uitgangspunten je hanteert. Welke opvattingen je hebt.
Waar je wel en niet in gelooft.

Waar wordt dan niet of nauwelijks over gesproken?

Over de zin en betekenis van hetgeen ons overkomt.

Dit vraagt om een beschouwelijk standpunt.
Een standpunt dat terughoudend is in zijn reageren op.

Reageren op wordt veroorzaakt doordat je het leven ziet als bestaande uit twee tegengestelde krachten; goed en kwaad en alle mogelijke manifestaties van die twee.

De moment dat je iets in het leven benoemt als zijnde kwaad, heb je het tegenover het goede geplaatst en komt de automatische reactie naar boven het kwade te vernietigen teneinde het goede te laten zegevieren.
Er van uitgaande dat je kiest voor het goede.

Vernietigen kan op veel manieren.
Je er van af wenden. Het ontkennen. Het wegredeneren. Het bestrijden. Het uitroeien. 

Ga zo maar door.

De geschiedenis heeft aangetoond dat kwaad dat bestreden werd vroeg of laat telkens weer terugkeert in een gewijzigde vorm.
Het voordeel hiervan is dat we leren steeds effectiever te vechten tegen, aangezien dat vermogen keer op keer weer wordt geactiveerd.
Maar het beoogde doel wordt nooit bereikt.

Want luister maar; hier wordt over gesproken.

Pokken is uit de wereld geholpen; dat hebben we overwonnen, hoor je virologen zeggen. Voor bepaalde griepvirussen hebben we vaccins.
Als we er veel geld inpompen kunnen we binnen afzienbare tijd een nieuw vaccin hebben.
En ondertussen doen we alles om het virus te bestrijden of het verder geen kansen te geven. Dus isolatie, lock downs en hopen dat er niet te veel slachtoffers zullen vallen.
Dit is een voorbeeld van reageren op, vechten tegen. 

Is dit nu goed of slecht. Ik heb daar echt geen oordeel over. 

Soms moet er gevochten worden.

Maar er is meer….

Lees verder »

Aangestoken door het innerlijke vuur in maart of geïnfecteerd

Gepubliceerd op 1 maart 2020 door Willem

AANGESTOKEN DOOR HET INNERLIJKE VUUR OF GEINFECTEERD?

Waar in hemelsnaam te beginnen?

De maand maart staat op het punt te beginnen; het oude beeld van de Vissen heerst over deze periode van het jaar. Over de laatste maand van de winter.

De periode van 21 december tot en met 21 maart beslaat de winter. De periode van het jaar dat onze aandacht zich naar binnen kan wenden.

Van ouds een tijd om ons te bezinnen op en te vieren rond.

Vandaar de vele feesten rondom licht in december en zelfs een oud licht-feest rond 2 februari.

Vroeger was er meer dan nu, behoefte om lichten aan te doen in deze tijd van het jaar. Lichten die verwijzen naar inzicht, naar doorzicht, naar wijsheid. Naar diepgang. Naar begrip  van grotere en diepere verbanden die ons in de lange nachten van toen geopenbaard zouden kunnen worden indien wij ons op een contemplatieve wijze wilden openen voor.

Zoals de oude visser die zijn gehavende netten na de vangst weer herstelt met een boetmes, ja een boet-mes. Boeten is niets anders herstellen nadat het net nauwkeurig werd gecontroleerd.

In onze cultuur worden we middels ons handelen en onze beroepen alsmaar minder geconfronteerd met de samenhang der dingen. 

Wanneer de visser in kleermakerszit, naast zijn boot, op de kade, zijn netten herstelt met zijn boetmes, gaan zijn gedachten terug naar de belevenissen en ervaringen op zee.

Al werkend, niet bewust mediterend, brengt zijn werk hem in een bepaalde gemoedstoestand die maakt dat hij schouwend beelden ontvangt die hem inzicht geven in. Eén zijn met de elementen brengt hem in immense gevaren en schenkt hem tevens een boterham; hij weet zich deel van een groter geheel dat hem opneemt.

Het is precies die toestand die velen van ons ontberen.

We hebben met zijn allen een samenleving vorm gegeven waarin de levende verbinding met het geheel ons steeds verder ontglipt. Terwijl we langs de andere kant steeds vaker spreken over een globalisatie als nooit te voren.

Maar het is een globalisatie die enkel de aarde aangaat en haar slijk.

Wat ons verbindt is niet onze gemeenschappelijke visie, ons gemeenschappelijk streven naar, datgene waar het archetypische beeld van de Vissen symbool voor staat; het inzicht dat we in de verschillende godsdiensten elk op onze eigen wijze zoeken naar een universeel beginsel dat in elke cultuur een eigen naam heeft gekregen en omdat we samen eigenlijk naar datzelfde zoeken we daarin dus samen één kunnen zijn.

Nee, we plooien terug op onze eigen terp, eigen heuvel, eigen land, eigen ras, eigen kleur, eigen standpunt. Er is slechts één zaak die ons allen verbindt. 

Het betaalmiddel dat we kennen als geld en dat enkel maar kan bestaan bij de gratie van het begrip vertrouwen. Hoe is het in godsnaam mogelijk.

We hebben de grootste moeite elkaar te vertrouwen, vooral als we er iets anders uit zien; maar we vertrouwen blindelings op geld.

Waar is het in ons cultuurtijdperk van de Vissen mis gegaan dat we in een dergelijke wereld samenleven.

Geld als symbool voor de verbinding tussen alle mensen, het heeft tenslotte handel mogelijk gemaakt, wereldwijd, heeft tot gevolg gehad tot er een tweedeling begon te ontstaan tussen zij die het hebben en zij die het nodig hebben.

We hebben als mensheid veel te laat begrepen en nauwelijks tot niet ingegrepen om dit te voorkomen. Zo is de kloof tussen wat we arm en rijk noemen ontstaan.

En plots werd duidelijk dat geld nog een andere eigenschap heeft. Het dient enkel zich zelf. Omdat het aangroeit. Wie weinig heeft zal nooit veel krijgen. Wie aardig wat heeft wordt slapend rijk.

Maar wat ook waar is dat we het geld niet de schuld moeten geven. Wij hebben er zelf voor gezorgd dat dit systeem zo ver kon uitgroeien.

Laten we ons eens richten naar de kosmologische verbanden die we in het zicht krijgen als we ons afstemmen op grotere krachten.

Wat gebeurt er in de natuur als dergelijke fenomenen zich aandienen.

Ten eerste dienen deze fenomenen zich niet aan. Het terugkoppelingsprincipe van elk levend systeem, de feedback, zorgt ervoor dat er op tijd wordt bijgestuurd, omdat het geheel boven alles gaat.

Elke verstoring wordt direct op een geïntegreerde wijze aangepakt.

Dit gaat volgens deze wet.

Wat in onze ogen zich toont als ziekte wordt door de natuur beschouwd als een gezonde reactie op een ongezonde situatie.

In de natuur wordt er een half jaar gegroeid en omdat dit niet kan blijven duren, wordt er een half jaar lang gestorven.

Sterven is niet anders dan de bouwstenen weer terug brengen naar de doos waarin ze zaten voordat het speelkwartier begon.

Als de blokken nooit zouden terugkeren en als er enkel maar gespeeld zou worden, enkel maar gegroeid, dan gingen de blokken na verloop van tijd kapot en viel er snel niets meer te spelen.

Wanneer het speelkwartier voorbij is, gaat de bel en is het opruimen geblazen.

In de herfst en de winter breekt de natuur alles weer af en ruimt het de afvalstoffen die niet meer dienen op. De ruwe grondstoffen blijven over en de blokken zijn weer als nieuw en wachten.

Dit opruimen van de afvalstoffen, het poetsen van de blokken, is een fenomeen dat bij de mens zich ook voltrekt in de herfst en de winter.

Doorgaans merken we daar niet veel van, tenzij we een periode kennen waarin er veel afvalstoffen vrij komen omdat er nogal wild is gespeeld en niet goed werd opgelet tijdens het spelen. Iedereen zijn gang maar ging. Alsof het niet op kon.

Dan treedt er een symptoom op, de gezonde reactie op een ongezonde situatie zeg maar.

In de natuur hebben ze daar een heel leger hulptroepen voor die werken aan de afbraak en de opruiming. Schimmels, bacteriën en virussen. En die werken zich te pletter dat het een lieve lust is; ze zijn daar trouwens voor ontworpen. En klagen ook niet.

Of we het willen of niet ons lichaam is en blijft ook een natuurfenomeen en gehoorzaamt aan dezelfde wetmatigheden. Of we dat nu leuk vinden of niet.

Enkele dagen geleden zag ik op de televisie een wetenschapper die zich verbaasde over het feit dat hij had geconstateerd. In een gemiddelde bodemstaal van agrarisch bewerkte grond trof men vijf jaar na datum nog altijd enorme hoeveelheden pesticiden en andere door de mens ingebrachte stoffen waaronder kunstmest, metalen, koolstofverbindingen enz.

De verwachting was dat deze stoffen afgebroken en opgelost zouden worden.

Aangezien dat in een zeer laag tempo gebeurde was het gevolg daarvan dat veel van dergelijke stoffen in onze voedselketen terecht zouden kunnen komen en uiteindelijk terug uitkomen bij de mens in zijn lichaam via de voeding.

De conclusie uit deze bevinding was simpel en confronterend.

Wij grijpen als mensheid met onze landbouwmethoden die gebaseerd zijn op een snelle opbrengst tegen de laagste kost op een dusdanige wijze in een natuurlijke cyclus die tot gevolg heeft dat het bodemleven zichtbaar en snel verslechterd met als gevolg dat de producten die daar van voortkomen van steeds slechtere kwaliteit zijn, terwijl zij aan de basis liggen van onze voeding voor onze lichamen die daartoe steeds sterker onder druk komen te staan en langzaamaan steeds meer essentiële bouwstenen beginnen te missen en ons lichaam alsmaar harder moet werken om lichaamsvreemde en vijandelijke stoffen af te voeren.

Wel en daar heeft de natuur zo zijn middelen voor.

Hij reageert met een gezonde reactie op een ongezonde situatie.

De mensheid bevindt zich een steeds grotere ongezonde situatie, reden voor de natuur, niet omdat ik dat vind, maar omdat de natuur langs wetmatigheden is ontworpen, reden voor de natuur om een gezonde reactie op te roepen. En de natuur heeft middelen te over. Schept desnoods nieuwe om hoe dan ook het evenwicht te herstellen. En herstellen is synoniem aan boeten. En nogmaals niet omdat ik dat vind, maar omdat vissers dat al eeuwen weten.

Scheuren in het net, scheuren in het levensweefsel, dienen geboet te worden.

Wat dacht je van nieuwe (of oude) middelen zoals corona virus of klimaatsverandering?

 

En hier komt het grote nut om de hoek kijken van kijken vanuit kosmische verbanden.

Het eerste wat verandert als je deze wijze van kijken toepast is dat je ophoudt te vechten tegen. Er is geen voor en tegen. Er zijn er drie.

Elk fenomeen roept automatisch het tegendeel op. En het is de derde verbindende kracht die dat doet. Het erkennen van de twee, het afzien van het gevecht, maakt de weg vrij voor de verborgen inhoud van de derde kracht. De verzoenende factor. 

Terug naar de natuur. Schimmels worden ingezet waar afbraak nodig is. Schimmels zullen nooit overheersen, want na de afbraak, als de zon weer terug komt en het weer speeltijd wordt kan er weer met de blokken gebouwd worden.

De twee wisselen af en voeren geen oorlog.

Door de derde die zorgt voor afwisseling en evenwicht.

Maar als er geen afwisseling is. Wanneer er onbegrensde groei is, dan is de natuur genoodzaakt veel meer schimmels op te roepen. Zoveel meer dat ze in het oog lopen.

Dat ze herkenbaar worden. Zichtbaar. Aanwezig. In de weg lopen. Vervelend worden.

Lijkt wel oorlog.

En dan kun je dus kiezen.

Terug vechten of begrijpen hoe samenhangen werken.

Als je de samenhang begrijpt, beperk je de groei tot het speelkwartier. En laat je de herfst en de winter hun werk doen. Begrijp je nu waarom griepvirussen zo tegen eind januari actief worden, acht weken hun (nuttige) werk doen en dan weer plaats maken voor.

Als je wil vechten tegen, dan doe je een mondkapje op, als ze er nog zijn.

Het derde verbindende alternatief is bewust kiezen voor een voeding op basis van lokaal geteelde biologisch-dynamische voedingsmiddelen die zo veel als kan horen bij de seizoenen van het jaar.

Ja wel wat duurder hoor ik je denken. Zeker maar niemand rekent uit hoeveel kosten je er aan de andere kant mee uitspaart.

Het Vissen-bewustzijn is afgestemd op het grote levensweefsel en draagt de zorg voor het feit dat een ieder hierin een levende plek vindt terwijl de Maagd als tegenbeeld de zuivere afstemming van het detail tegenover het geheel bewaakt.

Veel sterkte de komende maand.

Tot de 21e maart als de lente echt weer begint.

© Willem Versteeg

1 maart 2020

Verbeelding in februari

Gepubliceerd op 4 februari 2020 door Willem

Verbeelding in februari.

 

Ik ben een paar dagen te laat. Het afgelopen weekeind en de dagen daarvoor waren vol van activiteiten. Een geweldig boeiend weekeind over de archetypische achtergrond van de oude beelden van de dierenriem. Ik was helemaal in mijn element.

En nu sneeuwt het. Precies zoals dat hoort. De eerste dagen van februari hoort het te sneeuwen; maar daar zag het even niet naar uit. De temperaturen zijn wederom veel te hoog voor de tijd van het jaar. En de verwachting voor de komende dagen is er ook weer naar.
In Biarritz was het gisteren 27 graden waar het daar eigenlijk 13 graden hoort te zijn.

Jammer dat het klimaat niet afkoelt;  dan zouden we er wat meer last van hebben met zijn allen. Wat warmer is wat de meeste mensen wel aangenaam vinden, toch?

Na mijn rondje nieuwssites bekruipt mij deze ochtend een gevoel alsof onze verbeelding wordt gehackt.

Of je nu wilt of niet, als je al het nieuws volgt, moeten we binnenkort met zijn allen toch het loodje leggen door een virus dat de be-kroning van alle bedreigingen lijkt te zijn voor de mens van vandaag de dag.

Ik moet denken aan de metafoor die Yuval Noah Harari gebruikt van het kleine diertje dat in de porseleinkast geen enkel voorwerp kan verplaatsen en daardoor in het oor van de olifant kruipt om daar beginnen te rommelen. De olifant raakt zo geïrriteerd dat hij als een bezetene om zich heen begint te slaan en heel de porseleinkast vernietigt.

Lees verder »

Vooraankondiging Conferentie Crossing the abyss IV op 20 en 21 juni 2020

Gepubliceerd op 6 januari 2020 door Huguette

Beste mensen,

We kijken met dankbaarheid terug op de dagen in oktober van het afgelopen jaar toen Gogo Ekhaya Esima in Kortenberg haar inspirerende lezing tijdens de conferentie “Finding the Borderspace” verzorgde en tijdens het seminar in Kessel-lo met het publiek in dialoog ging. 

Menige deelnemer voelde dankbaarheid voor wat ze op authentieke en gedegen wijze heeft gedeeld.

Wat ze tijdens haar crisisjaren leefde, heeft ze volwaardig geïntegreerd en ze lukt erin afstand te nemen van de feiten door ze in leerervaringen om te zetten, die het proces spiegelen dat ze is gegaan om zich na een langdurig herstel van een spirituele crisis tot een professionele genezer te ontwikkelen.   

Daar gingen menige opleiding en training mee gepaard en door een langdurige leerervaring en inwijding in de eeuwenoude Zuid-Afrikaanse Sangoma Healing traditie kan ze de wijsheid en kennis van de oorspronkelijke geneeswijze in Zuid-Afrika aanboren en leren toepassen.

Een leerproces dat zich doorheen het hele leven verder voltrekt zoals de Sangoma Healing traditie en de ouderen haar voorleven.

Ze kreeg als Sangoma healer de naam: Gogo Ekhaya Esima.

Na een samen terugblikken op, spraken we met Ekhaya af om op 20 en 21 juni 2020 opnieuw een mogelijkheid te scheppen om ervaringen en kennis door te geven. 

Ze zal dus weer in ons midden zijn en een volwaardige bijdrage leveren. 

De titel van deze dagen wordt nog bekendgemaakt, alsook het programma. Daar wordt nu volop aan gewerkt.

Maar vermits agenda’s zich tegenwoordig sneller en sneller vullen wil ik nu reeds de data vrijgeven zodat wie er graag bij wil zijn, ruimte open kan laten om deel te nemen.

Op beide dagen, zaterdag 20 en zondag 21 juni 2020, gaat het programma in Het Don Boscocentrum in Kessel-lo door.

Ken je mensen en vrienden of familie die er baat bij kunnen hebben om deel te nemen, geef de data en de informatie die nog zal volgen door. 

Wie dat wenst kan alsnog op de maillijst worden gezet en wordt dan automatisch van meer informatie op de hoogte gebracht.

Het Levenssnoer heeft als logo een vlucht van kraanvogels. 

Kraanvogels overleven dank zij de wijsheid die ze van de ouderen krijgen, die zich lang over de jongere vogels ontfermen. 

Leven laat zich door een leerproces ontvouwen en kracht vloeit voort uit het aanspreken van de eigen vermogens. 

De samenkomsten die Het Levenssnoer organiseert beogen dit eveneens en bieden een bredere kijk op geestelijke gezondheid om een vruchtbare kruisbestuiving mogelijk te maken.

Bij dit bericht voeg ik graag een welgemeend voorspoedig nieuw jaar.

Van harte,

Huguette Beyens

 

De ballade van de Drie Koningen

Gepubliceerd op door Huguette

De ballade van de Drie Koningen.

 

Zag of hoorde je ze ooit? Of misschien kwam je ze wel eens tegen. Of ze klopten aan je deur en zongen hun blije lied met een draaiende ster in hun hand. Of zijn ze figuren in een verhaal en vervaagden ze met de tijd zodat hun lied niet langer in je oren klinkt als op Drie Koningen de dageraad een deur opent voor een zon die het leven dat in de donkere voegen van de aarde aan het openbreken is, ter wereld brengt. Zoals worden wie je in wezen bent. 

De Drie Koningen met ene ster. Ze kwamen van heinde en ze kwamen van ver.
Drie wijzen uit het Oosten volgens een oud verhaal, die een ster aan de hemel volgden, hadden oog voor tekens. Een ster, net iets anders fonkelend dan de andere.
In tijden waarin donkere machten het zicht op de kosmos dreigden te overschaduwen. 

Waar zijn ze nu gebleven in tijden waarin donker hevig woedt?
Welke deur gaat voor hen open, als de klanken van hun lied niet langer worden gehoord? Wie reikt hen de appel en de wafel die ze zingend hebben verdiend?

Jaren geleden maakte ik de drie koningen van wat resten stof en ijzerdraad.
Ze waren meer suggestie dan werkelijkheid. Expressieve gestalten in stof en draad.
Maar ze kwamen spontaan in mijn handen tot leven en ik voelde van heel nabij hoe ze onafscheidelijk bij elkaar hoorden. De drie die de essentie van het leven in de vorm van een ster konden herkennen.
Mijn handen werden er scheppend warm van en ik blij van gemoed.
Zo onschuldig eenvoudig gaat het ook wel eens.

Samen spiegelen ze de mens die door herkenning in het goddelijke toestemt.
Eruit ontstaat en erin opgaat. Als een continuüm, een basso continuo in de cyclus van het leven. Zo voelde het, als uit deze eenvoud betekenis zich veelvoudig openbaart.
Driekoningen feest: feest van de openbaring. Wat diep verborgen is opent zich.
Wat niet te grijpen is laat zich aanraken. 

Lees verder »

Hoe de steenbok ons leert te groeien naar mede-schepperschap.

Gepubliceerd op 1 januari 2020 door Willem

 

 

 

Vanmorgen, 31 december, kwam de zon op om 8.45 uur. Nu ik dit verhaal schrijf is ze zojuist achter de bomenrij in de verte aan haar voor mij zichtbare klimmende boog begonnen. Ze heeft nog zeven van haar acht uur durende werkdag voor de boeg alvorens ze zich weer te ruste legt achter het bos dat ik zie als ik door het raam rechts van mij naar buiten kijk.

Ze staat dus maar acht uur aan de hemel, terwijl dat in juni zeker twee keer zo lang is.

Over donkere dagen rond de Kerst gesproken.

Straks om 12.24 uur wanneer ze pal in het zuiden staat, schuin voor mij, komt ze nog nauwelijks boven de toppen van de bomen uit. Ze staat dan zo laag dat haar stralen diep doordringen in het huis.

Ze trekt in deze dagen haar laagste bogen aan de hemel en is de aarde als het ware zeer nabij. In werkelijkheid doorloopt de aarde in haar elliptische baan rond de zon het punt aan de hemel dat het dichts bij de zon staat, ze gaat dan door het zg. perihelium.

We staan in de winter dus dichter bij de zon dan in de zomer terwijl de temperatuur het tegenovergestelde laat zien.

Verschijnselen die voeding geven aan het oude beeld dat bij veel oervolkeren leeft dat in deze tijd van het jaar de geest (de zon) dichter bij de mens (op aarde) staat.

Lang geleden waren wij in onze streken en in onze toen heersende culturen natuurlijk niet op de hoogte van de wetmatigheden die het gedrag van hemel en aarde aanstuurden.

Alhoewel, je moet dan wel heel ver terug gaan, meer dan tienduizend jaar, om er zeker van te zijn dat de mensheid toentertijd niets wist van deze natuurfenomenen.

In alle tijden hebben mensen altijd de fenomenen waargenomen en sommige culturen zijn heel vroeg begonnen om hun observaties vast te leggen en daardoor op zoek te gaan naar wetmatigheden. 

Maar voordat er zoiets als wetenschap ontstond die zich beriep op feiten aan de hand van observaties, hebben mensen altijd aan fenomenen verhalen verbonden om op die manier zin en betekenis te geven of te ontlenen aan fenomenen.

In psychologische termen spreekt men dan van het feit dat de mens innerlijke beelden projecteert op een uiterlijk fenomeen. Zo ontstaat het beeld dat de zon die laag langs de hemel gaat laat zien dat de geestelijke wereld dichtbij is. En als de geestelijke wereld heel dichtbij is rond deze tijd van het jaar ligt het ook erg voor de hand om in een bepaalde cultuur een verhaal over de geboorte van een held als lichtbrenger te plaatsen in deze tijd van het jaar.

Het fenomeen in de natuur leent zich dus om hieraan als het ware een projectie op te hangen. Een laag hangende zon die wordt tot een geest die de mens nabij komt.

Oppervlakkig beschouwd hebben we hier een verklaring voor waarom oude volkeren een symbolische lading gaven aan natuurfenomenen die tot op de dag van vandaag nog doorklinken in religieuze feesten, kalenders, gebruiken en verhalen.

De wetenschap heeft in de zon geen geest gevonden, op de maan geen godinnen en ga zo maar door.

Dus…

Lees verder »

Kerstboodschap van Huguette 2019

Gepubliceerd op 25 december 2019 door Huguette

De sterrentijd.

Tijdloos

staar ik naar zilveren sterren 

die in de diepe blauwe nacht

fonkelend aanwezig 

door de grenzen

van de tijd breken.

Ze beroeren in mij

een kiem van eeuwigheid

terwijl ik in de schreden

van stille donkere uren treed,

die me schroomvol

meenemen in een 

wenteling van de tijd.

de stille dagen van

Midwinter,

Wat in mij loslaat

is een tijdelijk omhulsel

van ingevulde en niet ingevulde dromen.

Er is meer dan wat de tijd

in ons optelt en in waarde meet.

Er is een nooit 

ophoudend verlangen 

naar een openbreken in de tijd,

een tijdloos ontstaan

en vooral ook bestaan 

als leven dat kiemend

de tijd in mij vereeuwigt.

Levend als een wezen

door tijd en ruimte begrensd

ben ik tegelijk

een tijdloos zelf

gedragen door duizenden

wentelingen in de tijd

die zich eerder 

in de verleden tijd voltrokken

en door toekomst worden omarmd.

 

Een toekomst 

die ver boven de maat

van tijd en ruimte reikt

van menselijke gedachten,

die neigen te bevriezen

wat buiten ruimte en tijd beweegt. 

Toekomst die tijdloos

de onophoudelijke 

drang tot scheppen baart

die mijn schreden leidt

in een tijd die mij 

vleugels geeft.

De sluiers oplicht

van een oneindig bestaan

dat barend ontstaat

en mij in de tijd

door ontroering doet stilstaan,

terwijl hij me dag na dag

meedogend tegemoet treedt.

Beroerd kijk ik

naar sterren die weven

sterren die waken

sterren die vallend 

mij een hand reiken

en me een herinnering 

schenken aan tijdloos bestaan,

in een kind

dat uit de eeuwigheid zelve

lijkt te ontstaan.

Dat de belofte in zich draagt

van wat door tijdelijk zien en grijpen

enkel inschattend kan worden aanschouwd.

Er is zoveel meer dan de mens

kan weten en meten.

Er is een eeuwig kind,

een oeverloos ontwaken 

dat ons tijdloos

aan onszelf teruggeeft

en ons herinnert

aan het kiemend leven

dat we in ons dragen.

Dat we levend

aan de tijd voorbij

in een scheppend ontstaan,

eeuwig ervaren.

Het eeuwige nu van de sterrentijd,

bezield en beademd,

tot het zich tot amen verdicht.

Groei die door instemming

kan worden beleefd

en vooral geleefd.

 

Huguette Beyens

Kerstnacht 2019

 

Huize Poustinia

Een ernstig gesprek met Sinterklaas over de aard van december

Gepubliceerd op 1 december 2019 door Willem

Onaangekondigd, want Hij klopt nooit aan deuren, kreeg ik vannacht bezoek van Sinterklaas. De Oude zag er oud uit, moe en ietwat verdrietig.

Althans dat was toch mijn indruk. Nu moet je natuurlijk wel oppassen met zo’n oordeel want het was tenslotte een verschijning, dacht ik. 

Maar hij was gedecideerd: “Ik ben het echt! De maan schijnt, ik niet!”

Mijn droom-ik schrok wakker en deed mij denken: “Ik droom, nee hij droomt”, en probeerde mij te wekken. Zeer verwarrend allemaal. Ik kwam er niet uit.

“Wordt nou eens wakker”, riep de Oude.

En prompt zat ik naast mijn bed, keek om, zag mijn lichaam in bed liggen, keek naar de Oude die toekeek en wachtte en ik merkte dat het lijf in bed overeind kwam en langzaam in mezelf gleed zodat we weer één waren en de Oude glimlachte.

“Ja, je wordt ook wat ouder hè, normaal gaat dat wat sneller en word je geacht dat niet te merken.

“Mag ik vragen wat U komt doen?”, vroeg ik.

“Ik ben op zoek naar een spreekbuis. Iemand die aanvoelt waar ik mee zit en dat kan verwoorden voor een wat groter publiek, dat wil zeggen een publiek dat nog wil luisteren.

Een publiek dat nog bereid is te geloven in.”

“Te geloven in wat of wie?”

“In waar ik voor sta! 

Wat denk je, heb je even. Heb je iets om op te schrijven of denk je het te kunnen onthouden. We hebben geen tijd te verliezen!”

We zijn naar beneden gestrompeld, zijn bij de kachel gaan zitten en hij is beginnen te vertellen en dit is wat ik me ervan herinner:

Lees verder »

Meld je aan met je E-mailadres en blijf automatisch op de hoogte van ons nieuws: