Het rijk van Kronos – deel 1

 

“Welkom! Ik voel mij zeer vereerd daar mij gevraagd is om de komende dagen u te mogen rondleiden door enkele delen van het rijk van Kronos.
Pardon, ik vergeet mij voor te stellen.
Choram is de naam.
Ik ben u nederige gids die zijn best zal doen u te vergezellen op uw tocht doorheen de afdeling die bekend staat als de zalen van de Twaalf Heilige Nachten.

Het zijn de klokken die u hebben geroepen. Het zijn de klokken waarop u resoneert.
Het zijn bijzondere klokken die zo ontworpen zijn dat ze een trilling de lucht in sturen die maakt dat iets diep in u geroerd wordt.
Een beroering die maakt dat u, als u daar ruimte voor wilt maken, u in een bepaalde ontvankelijke afstemming brengt.
En laat dat nu de stemming zijn die nodig is om te kunnen ontvangen wat ik u graag wil geven.”

 

 

Choram ging mij voor door een weinig verlichte, overhuifde gang die lichtjes naar beneden liep.
We passeerden verschillende rijk versierde, oude paneeldeuren met zwart beslag. Hier en daar in de wanden kleine nissen, waar in ovalen schalen in olie een brandende pit dreef. Net voldoende licht gevend om onze eigen stappen te kunnen herkennen op het pad dat naar een open ruimte leidde.
Choram liep naar het midden naar een grote ronde tafel, schoof een stoel ietwat van de tafel weg en wenkte.

“Gaat u hier even zitten?”

Ik ging zitten en mijn blik viel op de grote geometrische figuur die in het houten tafelblad was aangebracht. Twee grote driehoeken, ineengeschoven en samen een Davidster vormend. Op de zes punten van de ster zaten telkens een tweetal cirkels die samen met de anderen een cirkel van twaalf vormden en de ster omsloten.
Midden in die cirkels, als kleine glimwormpjes, bewogen daar minuscule lichtjes.

“Kijk goed.”

In één van de cirkels begonnen de lichtjes als het ware naar elkaar toe te drijven wat maakte dat het licht in sterkte toenam. Tegelijkertijd werd mijn aandacht getrokken door een deur schuin voor mij waar langzaamaan een lichtende ster op verscheen. Ze gaf voldoende licht om te zien dat een hengsel bewoog en met een licht schurend geluid zwaaide de deur langzaam open.

“We zijn welkom”

Choram ging voor en stapte de ruimte achter de geopende deur binnen.
Hij nam mijn hand en voerde mij naar een stenen bank die tegen een wand stond en hij ging zitten en ik naast hem.
Een aantal toortsen langs de wand begonnen langzaam wat feller te branden en daardoor zag ik dat uit de grond een basalten zuil omhoogkwam met daarboven op een uurwerk. Of beter gezegd een wijzerplaat.

Een heel rudimentaire wijzerplaat zonder versieringen. Twee wijzers, heel klassiek ogend, rondom de twaalf bekende cijfers. En langzaam begonnen de wijzers te bewegen. Na een tijdje bewogen te hebben, vielen ze stil. Exact twaalf uur. De grote wijzer boven de kleine, beiden gericht op de twaalf.

“Ik wil je vragen wat je zojuist hebt gezien, als beeld op te roepen voor je geestesoog.
Sluit je ogen en stel je een uurwerk voor waarop het twaalf uur is.
Laat de grote wijzer nu langzaam één ronde maken. Eén cyclus.

En zie dan dat hij langzaam, deze grote wijzer, weer terugkeert recht boven de twaalf en daar stopt.

En kijk dan eens, in je eigen beeld, waar de kleine wijzer naar wijst!

Dan laat ik je nu even alleen met een enkele vraag: 

Waar ver-wijst dit naar?”

 

Morgen zien we elkaar weer en dan vertel ik je meer over dit beeld…

 

 

 

vrijdag 25 december 2020

©    Willem Versteeg

 

 

HET RIJK VAN KRONOS – DEEL 2

Meld je aan met je E-mailadres en blijf automatisch op de hoogte van ons nieuws: