De negende nacht van zaterdag 2 januari

 

Achtste Levenspoort.

Eenmaal buigen en schouwen.

 

Mira kwam met een buideltje gevuld met aarde in haar hand bij de achtste poort aan.

Aan de buitenkant van het buideltje, dat ze van hennep had geweven waarin ze wat slangenhuid had verwerkt, had ze een busseltje gedroogde wilde kruiden zorgvuldig vastgeknoopt. Een mengeling van wilde tijm, rozemarijn, oregano en wilde lavendel.
De aarde was heel bijzondere aarde uit haar tuin. De kostbaarste aarde die de tuin haar schonk: compost.

Aan haar medicijnbuideltje dichtte ze bijzonder veel waarde toe.
Het was met de jaren volledig deel van haar geworden. Haar anker in moeilijke tijden, haar volledig door de natuur geschonken. Over kostbaar gesproken!

Ze wachtte even alvorens te buigen om in de verte te schouwen. Er was haar iets opgevallen waaraan ze aandacht wilde schenken. Het leek of de weg steeds kronkeliger werd met draaien en bochten. En ook leek hij van ver op een slang, die zich nu eens van links naar rechts en dan weer van links naar rechts, over de aarde voortbewoog.
Voor haar geestesoog leek de slang steeds levendiger te worden en er was ook iets wat ze in deze bewegingen herkende. Ze had gaandeweg meer kennis genomen van de twee kanten van de weg die ze liep en haar stappen had ze meer en meer aan de wendingen van de weg aangepast alsof ze zo meer voeling kreeg met de beweging van het leven zelf.  Dat noch links, noch rechts was, maar er tussenin bewoog.

Het was nu net deze slingerende beweging waar ze zoveel van had geleerd.
Het dwong haar de moed op te brengen om een standpunt te verlaten en een ander in te nemen om een raakpunt in het midden te vinden, waar ze houvast aan had. Een ankerpunt.

En nu ze een rijpere vrouw werd begon ze steeds meer waarde te hechten aan wat ze door zelf te ondervinden en gewaar te worden had geleerd. Omdat dit tot al de lagen van haar menszijn doordrong, tot elke vezel van haar zijn. Ze geraakte meer en meer overtuigd van het belang van volledig participeren aan wat je als ervaring door het leven geschonken werd. Deze ook te achten als een kans om meer kracht in je zelf aan te spreken als ze voor een nieuwe uitdaging stond.

De slang die ze zo in beeld zag komen hielp haar om voor ogen te houden hoe ze met de jaren de weg van links naar rechts bewegend en andersom was gaan lopen na eerst vele jaren rechtdoor stappen, vooral in haar jonge levensjaren.
Die fase in het leven dat je denkt veel op korte tijd te moeten bereiken om ergens te zijn of aan te komen. Maar het leven neemt de tijd die het nodig heeft alvorens een huid af te leggen net zo als de slang. Ooit had Mira naast de weg een slangenhuid gevonden als een lang verdroogd vel. Ze had tijd nodig gehad om te verstaan dat de slang dit voor elkaar kreeg. Letterlijk van huid wisselen zonder daaraan dood te gaan. Of beter gezegd om weer aan een nieuwe fase van het leven toe te komen. 

Dit wonder had haar zo gefascineerd dat ze de huid goed had bewaard en eerst een tijd naast haar bed aan de muur had opgehangen als een kostbaar geschenk van de weg die ze zelf gelopen had en waarbij ze wel vaker van huid had moeten wisselen zelfs als ze er zichzelf niet toe in staat achtte of meende er niet aan toe te komen. Zo vergaat het een mensenkind, bij tijden, dat beproeving de weg even omleidt waardoor de weg veel moeilijker wordt of als moeilijk wordt geleefd.

Ze boog en liep onder de poort door en stapte verder in het spoor van de slang.

De geur van vergane bladeren en rottende stengels komt naar ons toe als we met haar meelopen, want de afbraakprocessen zijn in deze tijd van het jaar volop aan de gang. De tijd van de grote transformatie is begonnen. De tijd dat de aarde haar ene huid verwisselt voor de ander zoals de slang van haar heeft geleerd. En hopelijk wij ook, als we haar goed begrijpen. Ze heeft volop gegeven maar nu dient ze ook te ontvangen om het leven dat diep in haar schoot door de levenskracht wordt gewekt te voeden. Maar ook alle wortels die zich nu in haar terugtrekken en voeding van haar nodig hebben om de botten tijdens de winter de kracht te geven om in de lente aan vorm toe te komen. De zaden vallen volop in haar koesterende armen en vinden de geborgenheid om als de tijd rijp is in haar te ontkiemen en wortel te schieten. 

Ze moet met alles wat op haar bodem wegrot, vergaat en zich ontbindt, een nieuwe huid vormen waarmee ze het jonge beginnende leven in de lente zal ommantelen.

Ze daalt nu volledig in haar schoot af en wij volgen deze beweging of we er al dan niet bewust van zijn.

Loslaten is nu volop aan de orde. Naakt en bloot de diepte van ons zijn tegemoet treden en de drang om wat we geleefd hebben in voeding voor ziel en geest om te zetten niet langer weerstaan. De mens is in wezen geroepen om een feniks te zijn die uit de as verrijst, als de dingen door afbraak hun essentie blootgeven. Dat deel is van wat ons onzichtbaar maar tastbaar overkomt. Worden wie we in wezen zijn. Ook al betekent dit van huid verwisselen een door elke verandering heler worden.

Het proces van heelwording tot op het bot durven leven.

In de tuin begint de tuinier die op dit proces resoneert alles wat de aarde afwerpt zorgvuldig te verzamelen en alles in lagen te verweven zodat er een proces op gang kan komen waardoor compost ontstaat. Mest, droge bladeren, gebroken takjes, schillen van fruit en allerlei keukenafval worden zo in elkaar geweven dat een proces van omzetten kan beginnen. Leven in de gedaante van dood wordt dood in de gedaante van leven, geboorte heet dit. Geboorte en dood als de twee grote manifestaties van leven, die voor ons zichtbaar zijn  Er is niets wat dit beter kan belichamen dan een composthoop. Niets wat zo één is met het scheppend beginsel van leven als een composthoop. Afbraak, rotting, gisting, fermentatie, opbouw, dit alles in gang gezet door de wormen, de dienaren van de aarde. Die wezens die kronkelend in deze broeierige massa hun bestemming vinden en met de onzichtbare levenscyclus volledig zijn verzoend. 

Maar zij die ons die aarde schenken, die het leven de impuls geeft om vanuit zijn diepste kracht nieuwe vormen te baren, die geen herhaling zijn van de oude, maar de voortzetting ervan met als toegevoegde waarde: groei. Waarvan de mens net zoals de aarde drager en getuige mag zijn.

Ben je ooit al eens getuige geweest van een proces van composteren?

Laat nooit een kans voorbijgaan als die jou geschonken wordt.

Neem in gedachten wat compost in je handen, als vormde je een buidel en beschouw het als een schoot voor het ontvangen van deze vraag:

Wat kan ik loslaten en aan het proces van composteren toevertrouwen? 

 

 

© Huguette Beyens

 

zaterdag 2 januari 2021

wordt morgen vervolgd…

Meld je aan met je E-mailadres en blijf automatisch op de hoogte van ons nieuws: